alt
alt
Rotterdam
alt
Art at Site 	www.rotterdamart.org	Auke de	Vries	Museumparkbeeld
Artist:
Title:
Year:
Adress:
Website:

Auke de Vries

Museumparkbeeld

1994
Nederlands Architectuurinstituut
Website
www.nrc.nl:
Kunstenaar Auke de Vries krijgt komende week de Wilhelminaprijs uitgereikt, de belangrijkste oeuvreprijs voor Nederlandse beeldhouwers. „Er zijn aanslagen op mijn beelden gepleegd.”
Hoe definieert u uw stijl?
„Ik hoor wel eens: je ziet gelijk dat het een Auke de Vries is. Hoezo? Ik heb geen handelsmerk, ik ben Botero niet [de Spaanse schilder en beeldhouwer van steevast mollige mensen en dikke voorwerpen, red]. Of het moet zijn dat mijn beelden zich altijd met de ruimte bemoeien. De ruimte is bezig een beeld te verkleinen, vergis je niet. Is een beeld te klein, dan doet het je niets. Is het te groot, dan wordt het ordinair. Is een beeld goed, dan beweegt het zich in de ruimte als een vis in het water.”
Wat bedoelt u met ruimte?
„Ruimte is het niks. Ruimte is waar ik nu in zit en jij ook. Als ik een sigaretje opsteek, dan zie je de rook weg deinen. Die rook wijst de ruimte aan. Mijn beelden doen dat ook. Het Maasbeeld commandeert de ruimte boven het water van de Maas. Gelandet attendeert op de hemel boven Berlijn.”
... Zie NRC

www.beeldenaanzee.nl:
Auke de Vries is een verteller van beelden. Als een soort tekening in de ruimte vertellen de beelden een verhaal, een verhaal dat niet stopt waar het beeld eindigt.
In de verbeelding van de toeschouwer gaat het verhaal verder. Auke de Vries speelt een spel met de zwaartekracht en met de ruimte, hij wijst met zijn beelden de ruimte aan, zodat wij ons daartoe kunnen verhouden. De sculpturen zijn ook vaak behuizingen, plekken om te verblijven.
Hij verbindt de beeldhouwkunst met de architectuur en stedelijke omgeving, de stad is zijn belangrijkste werkgebied, gefascineerd als hij is door de energie van de stedelijke omgeving.
Zijn beelden staan in Nederland, maar ook in Duitsland, Engeland en Frankrijk, tot aan Zuid-Afrika. In Beelden aan Zee wordt een groots overzicht getoond, met veel nieuwe en hangende beelden.

www.wikipedia.org:
Auke de Vries heeft zijn opleiding ontvangen aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Aanvankelijk was hij werkzaam als schilder en graficus. Vanaf de jaren zeventig maakt hij metalen sculptures.
Zijn beelden zijn lichte, abstracte constructies opgebouwd uit geometrische vormen, die lijken te zweven: lijnen, kegels, kubussen, cilinders en vlakken. De Vries laat zijn beelden aansluiten bij de architectuur ter plekke.
Werken (selektie):
1973 Lelystad: Windorgel, Zuiderwagenplein
1982 Rotterdam: Maasbeeld (200 m lang)
1994 Rotterdam: sculptuur voor NAI bij het Nederlands Architectuurinstituut
2005 Wiesbaden: zonder titel, Kranzplatz.

www.michielmorel.nl:
De Haagse kunstenaar Auke de Vries (1937) is er een van wereldformaat. Zijn sculpturen hangen en staan op vele prominente plekken. Niet alleen in Nederland, ook in vele buitenlandse steden kun je ernaar op zoek: Aberdeen, Berlijn, Ludwigsburg (Stuttgart), Barcelona, ja zelfs Bangkok, om er maar enkele te noemen. En in ontelbare musea, galeries en op andere kunstplekken had hij exposities, meestal naar aanleiding van een gerealiseerd beeldhouwwerk of rond een specifiek thema. Een echte kunstkenner hoef je niet te zijn om een sculptuur van Auke de Vries te herkennen.
Zijn beeldtaal is karakteristiek, zeer oorspronkelijk, speels en organisch. Globaal bezien bestaat zijn werk uit zwevende, aaneengeregen stalen lijnen, staken en vlakken, balancerende vormen en volumes als kegels, kubussen, nesten, toeters en vlaggen, waartussen je evenzeer grote spanning, als chemie voelt. In welke omvang dan ook, zijn kunst wappert en strekt zich in vele richtingen uit.
Van de beelden die Auke de Vries in ons land in opdracht vervaardigde, vermeld ik hier enkele hoogtepunten: het al genoemde Maasbeeld, dat in een spannende constructie van bijna 200 meter lang, ogenschijnlijk schots en scheef, met gekantelde en gedraaide elementen en contragewichten sierlijk boven de rimpelende Maas deint (1982). Niet voor niets heet het in de volksmond de waslijn, want tweemaal daags stijgt het water er met zo’n 180 cm, raakt het de bol en zet het samen met aanwezige wind de sculptuur in beweging. Stellig was het een van de grootste uitdagingen voor De Vries.
Voorts, ook in Rotterdam, de sculptuur in de vijver van het Nederlands Architectuurinstituut, die op deze museale plek waarlijk de show steelt (1994). Optisch gezien torent het bijna boven het gebouw uit en neemt het de openbare ruimte geheel in beslag; de kleur geel heeft er een opvallend aandeel in.
Ook de hangende sculptuur Nederland land aan de zee in de hal van de Tweede Kamer (1994) springt eruit. Op de wimpels van het contragewicht zijn twee teksten van onze toenmalige Majesteit, koningin Beatrix aangebracht, in haar eigen handschrift geschreven. Het beeld is aangevuld met twaalf in tin gegoten appeltjes van Oranje, die in een kistje in een door de kunstenaar zelf ontworpen vitrine liggen te pronken.
En ik noem graag het Floriade monument (2002) in de Haarlemmermeer, een paviljoen waarin een gigantische schotel hangt, aan de binnenkant beschilderd met het uitzicht vanaf de maan op de aarde. Zelf bood het hooggelegen paviljoen uitzicht op de mateloze vlakte van het Floriadeterrein, waar bezoekers de sensatie van de ruimte van de natuur aan den lijve konden voelen.
Wellicht het meest prominente beeld is in het buitenland te zien, in Berlijn: Gelandet (2002).Voor de plaatsing hiervan verkoos Auke de Vries het luchtruim bóven de stad, het dak van het Daimler-hoofdkantoor, zonder dat het gebouw (ontworpen door Renzo Piano) als sokkel dient. Het elf ton wegende beeld helt over het voetgangersgebied op de Potsdamer Strasse, de wapperende vlag erop heeft de lengte van de maker zelf. Met Gelandet heeft Auke de Vries de balans willen herstellen in een openbare ruimte die in zijn eigen woorden van oudsher een plek van rituelen is, maar die we door de identiteit van grote bedrijven zijn kwijtgeraakt.
Dit jaar is Auke de Vries de winnaar van de Wilhelminaring, de landelijke oeuvreprijs voor beeldhouwkunst, die om de twee jaar wordt toegekend. Eindelijk, zou ik eraan willen toevoegen. Gezien zijn staat van dienst had ik hem al eerder in het rijtje van gelauwerde beeldhouwers verwacht, waarop ook John Körmeling, Joep van Lieshout, Jan van Munster en Carel Visser prijken. Auke de Vries bewijst dat je niet per se voor kunstenaar hoeft te leren om niveau en statuur te bereiken; hij doorliep zelf slechts de lagere technische school. Toen hij vanuit Friesland naar Den Haag verkaste, werd hij toegelaten tot de avondopleiding aan de Koninklijke Academie, meteen in het vijfde jaar. Overdag verdiende hij de kost als decorateur bij een warenhuis. Een jaar later trok hij al naar Parijs. In het licht van dat ene jaar academieonderwijs is het opmerkelijk dat hij later geruime tijd doceerde en studenten begeleidde, zowel op de Rijksacademie als ook aan de KABK.